Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: tegenprestatie


Gerrit van der Meer, voorzitter van de Landelijke Cliëntenraad, schrijft elke maand een column waarin hij reflecteert op actuele gebeurtenissen. Al eerder richtte hij zich op de tegenprestatie. Niet voor niets, vindt hijzelf. Want er is veel over te doen. Gemeenten buiten bijstandsgerechtigden uit. Maar dat hoeft dus niet, want er zijn ook goede voorbeelden. Vrijwilligerswerk wordt namelijk ook gedaan zonder dat het wordt verplicht. Klik hier voor: eerdere columns.

Ik hoor het u bijna denken bij het lezen van de titel van deze column: ‘gaat hij nou al weer over de verplichte tegenprestatie schrijven?’. Ja, dat is precies wat ik ga doen, want die verplichte tegenprestatie blijft de gemoederen bezighouden.

 

Gemeenten worstelen duidelijk met de uitvoering van artikel 9 c: het artikel in de Participatiewet, waarin de verplichte tegenprestatie wordt geregeld. Letterlijk staat er dat de ‘belanghebbende’ (de bijstandgerechtigde) kan worden verplicht om ‘naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden te verrichten (…) die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt’. Dat woordje kan leidt ertoe dat een aantal gemeenten zegt: dat kunnen we dus ook niet doen.

Wat volgens de wet moet, is een verordening vaststellen. Daarover schrijft staatssecretaris Klijnsma dat een verordening niet voldoet aan de wet als daarin uitsluitend een vrijwillige tegenprestatie wordt neergelegd. Die ‘kan-bepaling’ in de wet is dus ook zoiets als verplicht vrijwillig, maar dan voor gemeenten.

Over die verdringing op de arbeidsmarkt ontstaan regelmatig felle discussies, die vaak niet verder komen dan welles - nietes.

 

Als ik in mijn eigen computer de zoekterm tegenprestatie intoets, heb ik zomaar voor twee dagen leesvoer. En dan zoek ik echt alleen in 2015, anders ben ik bang dat mijn computer vastloopt. Intussen verschijnen er nog steeds schrijnende verhalen in de media. Over Amsterdam, waar in het Amsterdamse Bos sprake zou zijn van intimidatie van bijstandgerechtigden. En over de bijstandgerechtigden die in Rotterdam allemaal de straat moeten vegen.

 

Maar er zijn ook andere geluiden. Deventer begint bij een vrijwillige tegenprestatie. Want, zo zegt wethouder Jurgen Goejer: 'Het beeld dat bijstandgerechtigden hun hand ophouden bij de gemeente en de rest van de dag met lotgenoten op de bank hangen, klopt beslist niet’. Mensen willen juist graag vrijwilligerswerk doen, is de ervaring. Je kunt in Deventer alsnog verplicht worden tot een tegenprestatie, als de vrijwilligheid faalt. Maar die stok achter de deur hebben ze nog niet hoeven in te zetten. Verplicht vrijwilligerswerk. De twee woorden spreken elkaar tegen. Niemand kan iets ‘verplicht’ ‘vrijwillig’ doen. Ik beloof u dat ik dat blijf zeggen.

Rotterdam, Amsterdam en ook Deventer zijn maar voorbeelden. Er is tussen alle gemeenten bij de uitvoering van de tegenprestatie maar één overeenkomst: elke gemeente heeft weer een eigen variant. Natuurlijk hebben we bij de LCR meer sympathie voor het laatste voorbeeld dan voor de eerste twee.

 

De Participatiewet is vastgesteld, inclusief artikel 9. Maar wij vinden dat je daar creatief mee moet omspringen, zodat je mensen in de bijstand er echt mee kunt helpen. Hoe dan ook, je bent als cliënt in de bijstand erg afhankelijk van de gemeente waarin je woont. Wat je aan opgelegde verplichten én aan bejegening over je heen krijgt, kan sterk verbeteren door ‘eenvoudig’ van de ene gemeente naar de andere te verhuizen.

Volgens mij is dat toch niet wat we met z’n allen hebben gewild.




Twitter share button Facebook share button LinkedIn share button

Laatst gewijzigd op 20 juli 2015 11:36:24

Vraag en antwoord