Column LCR-voorzitter Gerrit van der Meer: Normaal


Gerrit van der Meer, voorzitter van de Landelijke Cliëntenraad, is de vaste columnist van de LCR-website. Hij blikt elke maand terug op een actuele gebeurtenis. Het kon bijna niet missen dat die actuele gebeurtenis voor deze maand het regeerakkoord is. Hij hield het tegen het licht en vraagt zich af wat er toch wordt bedoeld met normale en gewone burgers. Klik hier voor: eerdere columns.

In al het mediageweld rond het nieuwe regeerakkoord, struikelde ik vooral over de zin waarmee Mark Rutte het akkoord presenteerde: 'Dit is een regeerakkoord voor normale, gewone mensen'.

Daar heb ik wat vragen bij:

· Wie bepaalt wat normaal en gewoon is? Hebben ze daar aan de formatietafel ook over onderhandeld? Ik kan me voorstellen dat er nogal wat verschillende inzichten bij de vier coalitiepartijen zijn over de norm voor normaal.

· Wie horen daar dan bij? Iedereen? Dus ook niet werkenden, uitkeringsgerechtigden, mensen met een beperking, volwassenen en kinderen die in armoede leven, getraumatiseerde vluchtelingen en hun kinderen?
Welke groepen heb ik nog niet heb genoemd?

· Als het antwoord op de vorige vraag voor alle groepen ‘ja’ is waarom wordt dan specifiek gerefereerd aan ‘normale, gewone mensen’?

 

De tekst van het regeerakkoord stemt mij niet optimistisch over het antwoord op deze vragen. Het meedoen en erbij horen wordt meer als een verplichting geformuleerd dan als een recht. Betaald werk lijkt de enige manier om er echt bij te horen. En zeker de enige manier om er met dit regeerakkoord op vooruit te gaan.

Iedereen gaat er met dit regeerakkoord op vooruit, zeggen de onderhandelaars met trots. De mensen met midden- en hoge inkomens (veel) meer dan de mensen met een laag inkomen, maar toch. ‘Werk moet lonen’ is weer helemaal terug. Niks mis mee, maar in dit akkoord betekent het wel dat mensen die niet werken, ook niet profiteren van de betere economische omstandigheden. Of, in gewoon Nederlands, wie geen werk heeft en arm is, blijft arm tot hij of zij werk vindt. Een ‘nieuwe balans op de arbeidsmarkt’ moet zorgen dat er minder werkende armen komen. ‘Vast werk minder vast maken en flexwerk minder flex’, staat er letterlijk. Ik wacht maar even af tot ik begrijp wat hiermee precies wordt bedoeld.

 

Toen ik begin dit jaar de verkiezingsprogramma’s doornam, kwam ik tot mijn spijt nergens de termen inclusieve arbeidsmarkt en inclusieve samenleving tegen. Ik maakte een klein vreugdesprongetje toen ik in het regeerakkoord het kopje ‘Een inclusieve samenleving’ las. De twee zinnen daaronder maakten me nog vrolijker: ‘Wij willen een samenleving waarin iedereen mee kan doen ongeacht talenten of beperkingen. De implementatie van het VN-gehandicaptenverdrag is hierbij belangrijk.’ Dan volgt de benoeming van vele doelgroepen en zelfs de melding van een extra investering in onafhankelijke cliëntondersteuning op verschillende levensgebieden, waaronder werk en inkomen. Dat is een voorbeeld van een aantal goede zaken, die dus ook in het akkoord staan.

 

We zullen binnenkort, ik hoop nog voor de Kerst, kennismaken met de nieuwe minister of staatssecretaris van SZW, die onze bestuurlijke gesprekspartner wordt voor de komende jaren. Ik hoop en verwacht dat we daar een normaal en gewoon overleg mee gaan hebben. Omdat niemand weet wat dat inhoudt, denk ik dat het wel goed gaat.

Ik stel voor dat we het zo ook met Mark Rutte en zijn nieuwe kabinet afspreken: iedereen is normaal en gewoon totdat het tegendeel is bewezen.

 



Twitter share button Facebook share button LinkedIn share button

Laatst gewijzigd op 20 oktober 2017 08:41:40

Vraag en antwoord