volgt ontwikkelingen in de sociale zekerheid nauwlettend
LCR: vergroot gratis sportaanbod voor armste kinderen
Er moet een groter gratis sportaanbod komen voor kinderen in gezinnen met lage inkomens, zo vindt de Landelijke Cliëntenraad (LCR). Door geldgebrek sporten zij vaak niet, terwijl sporten wel een belangrijke sociale functie heeft. De LCR heeft dit per brief laten weten aan de Tweede Kamer. Op woensdag 9 en donderdag 10 september staan daar het armoedebeleid en de schuldhulpverlening op de agenda.

Uit het rapport 'Kunnen alle kinderen meedoen' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) blijkt dat maar liefst 343.000 Nederlandse kinderen leven in een gezin met een inkomen onder 120 procent van het sociaal minimum. Dat is gelijk aan 14% van alle kinderen tussen de 5 en 17 jaar.
In arme gezinnen – vooral gezinnen die afhankelijk zijn van een uitkering – doen de helft minder kinderen aan sport dan in huishoudens waar het inkomen boven 120% van het sociaal minimum ligt. Als reden om geen sport te beoefenen, geeft weer ruim de helft aan daar geen geld voor te hebben.
'Het is bekend dat sport sociaal-maatschappelijk een grote functie heeft', laat voorzitter Jan Laurier weten. 'Ook de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) wijst daarop. Als kinderen niet mee kunnen doen vanwege de financiële situatie in het gezin, moeten we ingrijpen.'
De LCR bepleit een groter gratis aanbod van sport en andere maatschappelijke en culturele activiteiten. Naast de sportdeelname vindt de LCR ook het inzichtelijk maken van besteding van armoedegelden belangrijk. Via cliëntenraden komen signalen binnen dat nu vaak niet duidelijk is hoeveel geld gemeenten hiervoor krijgen van het rijk en wat ze uitgeven aan armoedebestrijding en sociale uitsluiting.
Klik hier voor het dossier over het minimabeleid.

(4 september 2009)