volgt ontwikkelingen in de sociale zekerheid nauwlettend
Aan het woord: Cor Bras
Cor Bras (52) kwam 25 jaar geleden terecht in de GGZ (geestelijke gezondheidszorg). Als cliënt. Hij kwam daarbinnen al snel op voor de rechten van cliënten. Sinds 1 januari 2008 vertegenwoordigt hij de Cliëntenbond binnen de LCR. Hij ziet veel overeenkomsten tussen verschillende groepen. ‘Alleen moeten mensen over schotten heen durven kijken’.

Tomeloze inzet
Cor werkte jarenlang als autospuiter met schadelijke stoffen en kreeg hiertegen nooit voldoende bescherming. Dit eiste uiteindelijk zijn tol. Cor werd ziek en kon terugkeer naar de arbeidsmarkt wel vergeten. Door zijn klachten belandde hij in de GGZ.
Vanaf zijn eerste opname kwam hij op voor de belangen van cliënten. Na niet al te lange tijd maakte hij de stap van de lokale naar de regionale cliëntenraad voor de regio Overijssel en Gelderland. Zijn tomeloze inzet leidde ertoe dat hij ook op landelijk niveau actief werd.

Grote lijnen
Weken waarbij hij 50 uur actief met cliëntenparticipatie bezig was, vormden geen uitzondering. Voor een Kamerdebat van 2 uur zat hij 6 uur in het openbaar vervoer. Dit bleek wat veel van het goede. Daarnaast had Cor het gevoel dat hij het directe contact met de achterban kwijt zou raken: ‘Op landelijk niveau gelden de grote lijnen maar op lokaal niveau hoor je de echte behoeften van de mensen’.
Hij richtte zich weer op de lokale cliëntenraad. Inmiddels is hij ook weer actief in de provinciale afdeling van Drenthe die bestaat uit 28 organisaties uit de GGZ. Diverse achtergronden zijn hierin vertegenwoordigd: ouderen, kinderen, instellingen. 95% van de leden is zelf cliënt. Zij organiseren twee keer per maand een bijeenkomst en bepalen zelf een thema. Soms is deze speciaal gericht op cliënten, maar er zijn ook bijeenkomsten voor huisartsen, omdat die een belangrijke schakel vormen richting de GGZ. Het is daarom belangrijk dat artsen aanvullende informatie krijgen en ervaringen van cliënten horen.

Financieel
Cor zet zich ook al jaren in voor een betere financiële positie van de cliënt in een instelling. De hoogte van het zak- en kleedgeld is hem daarbij een doorn in het oog. Na 365 dagen in een instelling houdt een cliënt een beschamend laag bedrag per maand over. ‘Vaak is het van groot belang voor een cliënt om op bezoek te gaan bij een familielid. Dit is zijn lijn met de buitenwereld. Maar doordat dit zo’n gat slaat in het maandgeld zit zo’n reisje er vaak niet in’.

Landelijk
Sinds 1 januari 2008 is Cor opnieuw actief op landelijk niveau. Hij werd, namens de cliëntenbond in de GGZ, lid van de LCR. Over hoe het in de clientenparticipatie allemaal nog beter zou kunnen heeft hij een uitgesproken mening. ‘Mensen en organisaties zouden over de schotten heen moeten durven kijken. Zowel de schotten tussen mensen als de schotten tussen organisaties. Ieder heeft natuurlijk zijn eigen belang. Maar acceptatie van elkaars beperkingen en begrip voor elkaars doelstellingen is heel belangrijk. Denk niet alleen in groepen maar kijk ook naar het individu. Vaak is er sprake van een gezamenlijk doel. Streef er dan ook samen naar om dat te halen’.